Vermogen in het buitenland

Mag je als Nederlandse overheidsinstelling controleren op het hebben van vermogen in het buitenland? Die vraag stond onlangs centraal in twee zaken die dienden bij de Centrale Raad van Beroep. Deze zaken kregen ook aandacht in de landelijke media. Baanbrekers was één van de partijen in deze zaak. De rechter oordeelde dat er inderdaad mag worden gecontroleerd in het buitenland. Dat wordt immers ook gedaan bij vermogen in Nederland. Wie bij een vraag om ondersteuning (denk aan hulp bij het aan het werk komen of een uitkering) gegevens niet meldt, pleegt fraude. En fraude mag nooit lonen.

Hulp aan mensen die er recht op hebben
“Wij vragen onze klanten regelmatig om gegevens”, vertelt Eric van Agt, manager inkomensondersteuning. “Dit doen we om ervoor te zorgen dat wij alleen hulp bieden aan mensen die daar ook recht op hebben. Wie niet eerlijk is, pleegt fraude. En fraude zorgt ervoor dat ons stelsel van sociale zekerheid in gevaar komt. Daarom letten wij er altijd op dat iedereen zich aan de regels houdt.”

Meeste mensen zijn gewoon eerlijk
Controleren van gegevens is volgens de manager van Baanbrekers noodzakelijk. “Wij stellen vragen over samenwonen, over bezit, over werk en over inkomen. Met de informatie die uit deze vragen naar voren komt en door onze controle van de antwoorden, kunnen wij het recht op bijstand vaststellen. De meeste mensen zijn gewoon eerlijk. Soms komt het voor dat er wat wordt verzwegen. En als wij daar achter komen, dan gaan we het gesprek aan met zo’n klant. Dit kan ertoe leiden dat de uitkering wordt beëindigd, en dat de klant de al teveel ontvangen uitkering alsnog moet terugbetalen. Het kan ook nog leiden tot boetes en zelfs vervolging door de rechter.”

Vermogen in het buitenland
Baanbrekers doet onderzoek naar vermogen in het buitenland. “Zo zijn wij in 2013 een project gestart waarin onderzoek werd gedaan naar vermogen – dat kan geld of een huis zijn – in België, de landen van voormalig Joegoslavië, Marokko en Turkije. Dit onderzoek leidde in een aantal gevallen tot het beëindigen en terugvorderen van uitkeringen. Wie bijvoorbeeld één of meerdere huizen bezit, of eigenaar is van een appartementencomplex, een hazelnootplantage of een boomgaard, heeft in feite vermogen of geld om van te leven. Dan is er dus geen recht op onze hulp. Dit staat zo in de wet.” De beëindigingen van uitkeringen leidden tot een jaarlijkse besparing voor Baanbrekers van meer dan twee ton, aan terugvorderingen en boetes werd meer dan 1,2 miljoen euro opgelegd.

Rechtszaken op argumenten gewonnen
Een aantal inmiddels oud-klanten van Baanbrekers was het niet eens met de beslissing dat hun uitkeringen werden beëindigd en teruggevorderd. “Zij maakten gebruik van hun recht om juridische stappen te zetten”, gaat de manager verder. “Eén van hun argumenten was dat wij als Nederlandse overheid geen onderzoek mogen doen in het buitenland, omdat dit in strijd zou zijn met de wetten in dat buitenland Door de Rechtbank zijn wij eerder in het gelijk gesteld. Ook de Centrale Raad van Beroep oordeelde nu dat Baanbrekers in haar recht staat als wij controleren op vermogen. Het maakt wat dit betreft niet uit waar wij controleren.”

Deel dit bericht: