Ook bij WML Facilitair is het business as (un)usual.

Ook bij WML Facilitair, de dochteronderneming van Baanbrekers op het gebied van groen en schoonmaak, is het ‘business as (un)usual’. Ook hier vinden we de doorwerkers die de organisatie draaiend houden in coronatijd. Manager Carola Couwenberg hoort nergens gemopper. “De sfeer is goed, ondanks de maatregelen die het werk lastiger maken. Het was wel schrikken toen een collega besmet bleek te zijn en naar het ziekenhuis moest. Heftig, dat kwam binnen. Gelukkig is die collega weer thuis.”

‘Kan niet’, kennen ze niet

Carola voelt alleen maar trots. “We hebben veel uitval bij schoonmaak en dat betekent schuiven met medewerkers en planningen. Nu merken we hoe flexibel onze mensen zijn. ‘Kan niet’ kennen ze niet. We sturen ze naar andere adressen dan ze gewend zijn of ze gaan helpen in de wasserij. Onze telefoniste neemt ook telefoontjes aan voor de Baanbrekerscentrale, want daar is het nu extra druk. Dat gaat allemaal prima. Ze verdienen een groot compliment.” Bij sommige klanten kan WML Facilitair niet schoonmaken omdat de gebouwen gesloten zijn. Anderzijds pakken de schoonmakers extra werk op. Bijvoorbeeld, in sommige schoolgebouwen doen ze een grote voorjaarsschoonmaak die ze anders in de zomer doen.

Nuchter

Robert Kuijs, leidinggevende bij schoonmaak, legt uit: “We desinfecteren op en top. Klinken, knoppen, balies, panelen, koffieautomaten. Overal waar veel vingers komen, poetsen we extra met speciaal desinfectiemiddel. Onze medewerkers dragen constant handschoenen en houden anderhalve meter afstand tot elkaar. Dat gaat goed, onze mensen zijn nuchter, flexibel en relaxed. Die raken niet snel in paniek en kunnen prima omgaan met die kleine ongemakken. Ze beseffen ook dat sommige maatregelen nog heel lang zullen blijven.” Door het extra poets- en desinfectiewerk hebben de schoonmakers per locatie iets meer tijd nodig. Maar dat is geen probleem nu een deel van het werk tijdelijk wegvalt omdat gebouwen gesloten zijn. Omdat de schoonmakers geen eigen pauzeplek hebben, mogen zij als enige pauzeren in de kantine. Met onderling anderhalve meter afstand. Dat is gezellig én nuttig, vindt Robert. “Hoe voelen de mensen zich? Hoe is de sfeer onderling? Tijdens de gezamenlijke pauze kan ik dat mooi even peilen.”

Op de fiets

De groenmedewerkers met een kwetsbare gezondheid zitten thuis, terwijl buiten het drukke seizoen is gestart. “Noodgedwongen moeten we onze dienstverlening iets verlagen en dat snappen onze klanten gelukkig goed”, vertelt Carola. In de auto’s van WML Facilitair zitten nu maximaal twee personen, schuin achter elkaar voor zoveel mogelijk afstand. Meer medewerkers gaan op de fiets. Ook in de schaftketen mogen maximaal twee personen en de pauzes gaan voortaan in ploegen. De handdoeken in de keten zijn vervangen door Tork-rollen. De voormannen en uitvoerders houden deze maatregelen in de gaten en de medewerkers corrigeren ook elkaar. Carola: “Hier op kantoor komen medewerkers nauwelijks nog binnen. Heel veel overleg gaat telefonisch en dat werkt prima. Ik hoor niemand mopperen. Iedereen beseft dat er echt iets aan de hand is.”

Structuur

Alle maatregelen in acht blijven houden vindt voorman Marco van Dijk het meest lastig. “Als onze groenmedewerkers hard aan het werk zijn, vergeten ze soms de coronaboodschap. Daarom blijven we die herhalen. Bovendien moeten onze mensen hun vertrouwde structuur en ritme soms loslaten. Dat vraagt echt wat van ze. We beperken dat tot een minimum en helpen ze waar dat kan. Een belangrijke rol hierin hebben de voormannen. Die bewaken de maatregelen en sturen hun ploeg bij als dat nodig is.” Volgens Marco is de sfeer onderling prima. “Zoals altijd. We gaan eens wat extra langs bij de ploegen in het veld, maken een extra praatje om de stemming te peilen. Bovendien is het prachtig lenteweer zonder regen, het groen groeit minder snel. Dat komt goed uit nu we wat extra ziekteverzuim hebben. We kunnen het werk goed bijbenen.”